Minimumtarief
Liene Malsch
Laatst werd ik door een opdrachtgeefster gebeld die me
verontwaardigd verweet dat ik voor een vertaling van 56 woorden mijn minimumtarief
van 200 woorden in rekening had gebracht. Ik wees haar erop dat ik al eerder
mijn minimumtarief berekend had, waarop ze antwoordde: "Ja, toen waren het
eigenlijk 195 woorden. Dat vond ik niet zo erg, maar 200 woorden voor 56!
Belachelijk!" Uiteindelijk heeft ze wel betaald, maar ik heb geen
opdrachten meer van haar gehad.
Voordat de NMa zich met onze prijzen ging bemoeien,
adviseerde het, toen nog, NGV een minimumtarief van 200 woorden te hanteren.
Elke opdracht, hoe klein ook, kost namelijk tijd: het bespreken, per telefoon
of e-mail, en het aanvaarden van de opdracht, het aanmaken van een bestand,
eventueel met bijbehorende administratie, natuurlijk het maken en aansluitend
versturen van de vertaling en tenslotte het schrijven van de factuur met
bijbehorende boekhouding en eventueel zelfs incasso. Al met al ben je al gauw
een half uur bezig, ook voor een opdracht van maar een paar woorden. Juist een
paar woorden kosten relatief veel tijd, omdat dan vaak de context niet
duidelijk is en je daar weer over moet bellen.
Overigens stuur ik voor een miniopdrachtje van een
goede opdrachtgever lang niet altijd een rekening. Ik zie dat als service,
klantenbinding. Soms ook neem ik de woorden in een verzamelrekening op als er
nog meer opdrachten in dezelfde zaak lopen. Ik geef dan wel altijd expliciet
aan dat ik in dit geval niet mijn minimumtarief bereken.
De laatste tijd ontstaan er steeds vaker discussies
over mijn minimumtarief, opvallend vaak met kleine vertaalbureautjes. Zo wilde
een bureautje waar ik maar sporadisch voor vertaal, dat ik drie opdrachtjes op
zou tellen tot in totaal zo'n 300 woorden, hoewel het om losse opdrachten van
drie verschillende klanten van het bureau ging. Een ander vertaalbureau wilde
geen minimumtarief betalen, omdat ze met de betreffende opdracht een nieuwe
klant gingen binnenhalen. Ik heb ze uitgelegd dat ik vertaalbureaus een lager
woordtarief in rekening breng dan mijn directe opdrachtgevers, juist omdat
vertaalbureaus kosten moeten maken, onder andere om nieuwe klanten binnen te
halen. Zo hadden ze het nog nooit bekeken. Weer een ander vertaalbureau
argumenteerde dat ze deze goed klant geen minimumtarief in rekening konden
brengen. Ik had echter nog nooit voor die goede klant van ze vertaald, dus ook
hier verwees ik naar het verschil in tarief, maar nu in verband met kosten om
klanten te behouden.
Advocaten zijn wat het minimumtarief betreft in mijn
ogen veel realistischer. Ik heb tenminste nog nooit discussie daarover met ze
gehad, ze accepteren het meteen. Al wat langer geleden werd ik gebeld door een
advocaat die eerst wilde weten wat mijn minimumtarief was. Vervolgens las hij
me een zin in het Duits voor, die we samen aan de telefoon vertaalden. Het
meeste wist hij zelf al. Binnen vijf minuten was het gesprek afgelopen, maar ik
moest per se een rekening sturen.
En zo hoort het ook: tijd, maar ook kennis, is geld.
Verschenen in de Linguaan, oktober 2005
© Liene Malsch